11 november: honderd jaar geleden eindigde de Eerste Wereldoorlog

Precies een eeuw geleden, op 11 november 1918, eindigde de Eerste Wereldoorlog. In een treinrijtuig in het bos van Compiègne in Frankrijk werd de wapenstilstand gesloten. In verscheidene landen is 11 november een officiële feestdag, waarbij de vrede wordt gevierd en de slachtoffers van de gruwelijke oorlog worden herdacht. In Nederland vindt begrijpelijkerwijs geen nationale herdenking plaats, want Nederland was neutraal in de Eerste Wereldoorlog – Nederland hield zich koest in die jaren. Maar de oorlog had natuurlijk wel degelijk invloed op het dagelijks leven van veel Nederlanders – denk alleen al aan de meer dan een miljoen vluchtelingen uit België die hier in die tijd moesten worden opgevangen. Ook raakte de economie in ons land ontregeld, waardoor het leven veel moeilijker en duurder werd. Bovendien werden 200.000 Nederlandse mannen gemobiliseerd voor het geval dat Nederland toch betrokken zou raken bij de strijd. Zo hebben dus ook veel gewone Nederlandse burgers iets van de oorlog aan den lijve ondervonden – onder wie mijn grootouders.

Mijn opa Saam (Samuel) van der Meij en mijn oma Mijntje (Willemijntje) van der Meij waren in 1911 getrouwd. Saam was toen 24 jaar, Mijntje 20. Mijntje was dienstmeisje bij een notaris, Saam werkte als knecht bij een handelskwekerij in Rijnsburg. Daarnaast kweekte hij voor zichzelf op een klein stukje land wat tulpen, die hij verkocht in een tulpenkraam. Zo verdiende hij wat bij. In 1913 werd hun oudste zoon Bert geboren (ik ben naar hem vernoemd). Toen in 1914 de oorlog uitbrak was Mijntje in verwachting van hun tweede kind. Nederland zou neutraal blijven in de oorlog, maar er werden vele mannen gemobiliseerd. Zo ook Saam. Hij kwam terecht in Millingen in de buurt van Nijmegen bij de Duitse grens, in een van de marechausseekazernes die daar waren gebouwd t.b.v. de grensbewaking. Hij kreeg een klein jaargeld, maar dat was niet genoeg om van te leven en Mijntje moest uit werken om wat bij te verdienen. Toen in 1915 hun tweede kind werd geboren, was Saam te laat om bij de geboorte aanwezig te zijn – de reis was ingewikkeld en duurde lang. Het kindje werd erg ziek, maar Saam mocht maar een enkele keer even met verlof naar huis. Zijn tulpenlandje kon hij niet meer bijhouden, dus die verdienste viel weg. Mijntje had een zwakke gezondheid, ze kon het huishouden slechts met moeite draaiende houden. Haar fornuis was gevorderd, wat het nog extra moeilijk maakte. Pas eind 1918 kon Saam zich weer bij zijn gezin voegen. Gelukkig kon hij toen weer aan de slag bij zijn oude werkgever.

Mijn opa zou vier jaar lang gemobiliseerd blijven. Op de foto hieronder draagt hij het ceremonieel uniform van het regimentskorps Groene Jagers. Daarnaast een foto van oma Mijntje met hun eerste kind Bert; zij is in verwachting van hun tweede kind, dochter Maartje, geboren in 1915.

opa en oma in de eerste wereldoorlog

Wat ik hierboven over mijn grootouders heb geschreven heb ik overgenomen uit het mooie boek Familie Van der Meij – de geschiedenis van Saam van Bert van Heintjes (2011), samengesteld door mijn nicht Sophia Botermans, die onderzoek heeft gedaan naar de geschiedenis van onze familie.

Op deze webpagina van de Koninklijke Bibliotheek (klik) kun je meer lezen over de mobilisatie van 1914-1918.